Waar gaat het over?
Er bestaat momenteel in het Belgische recht een summiere rechtspleging om betaling te bevelen(2) die de schuldeiser toelaat de hem verschuldigde som te recupereren via een vraag die door een advocaat wordt ingediend in de vorm van een verzoek bij de griffie van de vrederechter en beperkt tot de betalingen van liquide schulden die niet meer dan 1.860 euro bedragen.
Deze rechtspleging krijgt felle kritiek en wordt als niet efficiënt beschouwd rekening houdend met de almaar toenemende betalingsachterstanden en als nefast voor de bedrijven en de economie.
Welke veranderingen worden voorgesteld?
De veranderingen die aan de procedure worden aangebracht, zijn radicaal.
- Het nieuwe voorstel wordt verondersteld de kostprijs van de procedure lichter te maken doordat de tussenkomst van een advocaat facultatief geworden is. De schuldeiser kan zich dus zelf tot de rechter wenden.
Nochtans is het in de procedure zoals ze nu bestaat zo dat de kosten voor de tussenkomst van de advocaat in principe verlaagd worden in de mate dat de prestaties ook verminderen. Bovendien zal de rechter, als hij met de vraag instemt, de schuldenaar ook veroordelen tot het betalen van een procedurevergoeding, die in principe de bedoelde kosten zal dekken.
- Het maximumbedrag van 1.860 euro werd afgeschaft, net als de aanmaning.
- Het voorstel introduceert ook het begrip “inversion du contentieux” (= omkering van het geschil), wat betekent dat de bewijslast die op de schouders van de schuldeiser rust, enkel van toepassing wordt wanneer de vordering betwist wordt.
Consumenten zijn slechte betalers!
Dat lijkt het uitgangspunt te zijn van dit wetsvoorstel, zonder enige andere overweging van sociale, economische of juridische aard.
Maar wanneer het om betalingsvorderingen gaat, klagen de klanten heel vaak dat zij hun facturen nooit of met zeer grote vertraging ontvangen hebben.
Wanneer diezelfde klanten een klacht of een eis indienen, gebeurt het niet zelden dat hun klacht dode letter blijft, zonder dat hen enig antwoord of enige informatie door de handelaar wordt verstrekt. En als er wel een antwoord komt, zal zich dat beperken tot een bevestiging van de factuur, zonder verdere uitleg.
Dit is in het bijzonder waar als het gaat om de leveranciers van energie, leidingwater en telecommunicatie.
Terwijl wij dagelijks geconfronteerd worden met consumenten die niet meer weten wat ze nog allemaal moeten doen om antwoorden op hun vragen te krijgen, wordt aan deze leveranciers het recht toegekend om hun vorderingen zonder uitstel en heel gemakkelijk op te eisen.
De consument, die zich al niet in een sterke positie bevindt, wordt nog wat meer onder druk gezet door de macht en de autoriteit van zijn schuldeisers.
Consumenten zijn van slechte wil!
De consumenten zijn volkomen in fout en verantwoordelijk voor deze situatie en het zijn hun almaar talrijkere betalingsachterstanden die de aanleiding waren voor dit voorstel.
Maar de Belgische Vereniging van Incasso-Ondernemingen, alle politici en de betrokkenen op het terrein erkennen dat de consument het slachtoffer is van misleiding.
Oplichterijen, gedwongen verkoop, bedrieglijke en oneerlijke handelspraktijken, enz.: elk jaar krijgen nogal wat gezinnen te maken met onterechte kosten of facturen die ze niet begrijpen. Het zijn vanzelfsprekend de minst gegoede en meest kwetsbare consumenten die in zulke situaties terechtkomen.
Voeg daar nog de problematiek van de schuldoverlast en de huidige economische context aan toe en je begrijpt dat deze gezinnen helemaal de desillusie en wanhoop nabij zijn.
De wegen die naar schuldoverlast leiden, zijn afgetekend zichtbaar en het zijn de mensen met een lage scholingsgraad, de werklozen en de alleenstaanden die het ergst geraakt worden.
Jammer genoeg zullen precies zij de te berechten partij zijn, die de rekening van dit voorstel zullen betalen doordat ze onvoldoende geïnformeerd zullen zijn over de risico’s die verbonden zijn aan het niet betwisten van een vordering.
Voor de schuldenaar, die via deze nieuwe rechtspleging zijn executoriale titel verkregen heeft, geldt dat een beslaglegging op de goederen van de schuldenaar (loonbeslag, beslag op onroerend goed, enz.) uitgevoerd zal mogen worden. Die executoriale titel zal vanaf heden verworven kunnen worden zonder contradictoir debat en zonder dat de schuldenaar een kans heeft gekregen om zich te verdedigen.
Het is toch duidelijk dat de grote hoeveelheid mensen met een betaalachterstal niet te wijten is aan slechte wil, maar aan het feit dat ze niet voldoende middelen hebben om hun betalingen te doen! Deze procedure zal voor die mensen dus geen snellere oplossing van de zaak brengen.
Schuldeisers zijn van goede wil!
Er wordt van uitgegaan dat de schuldeiser van goede wil en de schuldenaar van slechte wil is. Terwijl een onbetaalde factuur logischerwijs onvoldoende grond is om te kunnen vaststellen of het om een niet aangevochten vordering gaat, gaat dit voorstel uit van het tegenovergestelde.
Facturen die op meer dan één grond betwistbaar zijn, zullen doorgelaten worden door de rechter, die in de facultatieve rol die hem toebedeeld wordt, enkel zal dienen om ze in een executoriale titel om te zetten. Er een grondig onderzoek op uitvoeren zou tijdverlies zijn en zou ingaan tegen het streven naar snelle afhandeling van deze procedure.
Maar wat moeten consumenten dan doen ten overstaan van schuldeisers die van slechte wil zijn? Vooral wanneer er geen enkele begrenzing wordt voorzien voor het bedrag van de vordering…!
Een eenzijdig en onrechtvaardig voorstel
Al deze wijzigingen werden louter ten gunste van de schuldeisers uitgewerkt, zonder rekening te houden met de rechten van de schuldenaar. Het belangrijkste van die rechten, namelijk het recht op verdediging, wordt op het spel gezet door alles te laten afhangen van de deskundige kennis van de consument betreffende deze problematiek. Maar de consumenten die in financiële moeilijkheden verkeren, zijn juist voor het merendeel mensen die hun rechten niet kennen en die de juridische terminologie en procedures maar matig tot helemaal niet begrijpen.
Er wordt geen enkele ruimte gelaten voor een oplossing die tussen de partijen onderhandeld wordt.
De schuldbemiddeling wordt doodgezwegen, wat volkomen indruist tegen de politieke wil om armoede te bestrijden.
Een procedure vereenvoudigen en versnellen zijn maar zelden synoniem van een rechtvaardigere procedure die de gelijke rechten van partijen in acht neemt en het recht van verdediging eerbiedigt.
(1)Wetsvoorstel van Mevr. Taelman (VLD) (4-139/1) tot invoering van een betalingsbevel in het Gerechtelijk Wetboek, op 10/06/2008 door de Commissie Justitie van de Senaat en op 26/06/2008 in plenaire zitting goedgekeurd.
(2)Artikels 1338 tot 1344 van het Gerechtelijk Wetboek.