"Ik betwijfel of dat een positief effect op de gezondheid zal hebben; het is gewoon een bijkomende taks", verklaarde een woordvoerder van de Deense Industriebond (DI), voor wie de taks een "administratieve nachtmerrie" is. "Voor zover wij weten, is Denemarken het eerste land ter wereld dat een taks op de vetten invoert."
Ja en nee. Want de vraag om taks te heffen op vetten en op ongezond eten in het bijzonder, is niet nieuw, verre van. Vorige zomer nog had Hongarije trouwens al een taks gelanceerd op de gesuikerde of te gezouten voedingsproducten, met als officieel doel de zwaarlijvigheid te bestrijden. Die zogenaamde "hamburgertaks" (die in werkelijkheid nochtans op voedingsmiddelen en dranken met een hoog gehalte aan suiker, zout, koolhydraten of cafeïne, zoals zoute of zoete koekjes, energiedrankjes of nog voorverpakte taarten, betrekking heeft) zag zo het daglicht in een Oost-Europees land waar 18% van de bevolking aan zwaarlijvigheid lijdt. Hoewel die Hongaarse vettaks minder gepeperd was dan de Deense: €0,20/liter voor de dranken en €0,40 tot €0,70/kg voor koekjes en taarten.
Studies bevestigen wel de efficiëntie van zulk een taks, voor zover het bedrag op gelijke hoogte staat met zijn ambities. Zo toont een studie van de Universiteit van North Carolina in de V.S. aan dat een taks heffen op pizza's en frisdranken de calorieaanvoer zou helpen terugdringen. Maar die taks zou 18% moeten bedragen om de volwassen Amerikanen ongeveer 2 kg/jaar aan gewicht te doen verliezen en zodoende bij te dragen tot de strijd tegen obesitas.
Dit idee om slecht eten extra te belasten, dat al sinds 2003 aangemoedigd wordt door de WHO (Wereldgezondheidsorganisatie), heeft al andere staartjes gekregen in de Verenigde Staten, de onbetwiste bakermat van de mensen met overgewicht. Verscheidene Amerikaanse staten heffen al taks om de dranken met koolzuurgas, terwijl de "fat taks" (op de vette producten) duidelijk behoort tot de ambities van president Obama.
vDichter bij ons, in Frankrijk, heeft de regering Sarkozy in 2008 een taks verworpen op de voedingsproducten met een povere voedingswaarde omdat zoiets de koopkracht van de Fransen zou aantasten. En in Roemenië, waar één op vier inwoners zwaarlijvig is, hebben de autoriteiten ook een stap teruggezet door het idee uit 2010 te laten varen om een taks te heffen op de ongezonde voedingsmiddelen en de recepten opnieuw toe te wijzen aan gezondheidsprogramma's. De voedingslobby was furieus geworden…
Bij ons heeft de Deense taks het onderwerp opnieuw op het bord geplaatst. De Fevia, de federatie van de voedingsindustrie, vindt ook dat de vetten of slecht eten belasten niet de gedegen remedie is tegen obesitas. De Fevia roept weinig overtuigende studies in, die er zouden op wijzen dat de taksen niet noodzakelijk aansporen tot verandering in het eetgedrag. Ze vindt ook dat enkel een zeer hoge taks een effect zou hebben, maar dan zou de maatregel asociaal gevonden worden… En tot besluit leidt dat uiteindelijk tot het winnen van gemiddeld "maar" 5 levensdagen, hebben ook de Denen toegegeven.
Anderzijds zegt de Fevia wel bereid te zijn tot het starten van de discussie over de productsamenstellingen om bijvoorbeeld het gehalte aan "slechte" vetten, zoals de transvetzuren, terug te dringen. De Federatie heeft al een expertisecentrum opgericht om de voedselbedrijven in die optiek te helpen, om vervangingsoplossingen te vinden en te werken aan een verbetering van de samenstelling van de producten… in België, in elk geval. En sinds 2008, wanneer Frankrijk een taks voor het indijken van obesitas heeft overwogen (concreet zou de BTW van 5,5 naar 19,6% opgetrokken worden voor te vette of te zoete of te zoute producten), werd het idee globaal negatief en antisociaal bevonden.
Het maakt weinig uit dat deze gedachte aan een voedingswaardetaks of "fat taks" al teruggaat tot de jaren 1970 in de V.S. en sindsdien het debat voedt, zowel over de grote plas als in Europa. Het aantal studies is ook verveelvoudigd. In juli 2007, bijvoorbeeld, toonde de Oxford University aan dat een verhoging van de BTW op de voedingsproducten die nefast zijn voor de gezondheid, het leven zou kunnen redden van 3.200 Britse burgers per jaar. In België zijn er nooit echt politieke voorstellen gedaan die in de richting van een "vettaks" gaan. De Belgische vereniging die ijvert voor het helpen van zwaarlijvige patiënten, is zelf overtuigd van hoe weinig zulk een taks zou hebben en pleit in plaats daarvan voor een verlaging van de BTW in de sector van de gezonde voeding, zoals groenten en fruit, bijvoorbeeld.
Laat ons niet vergeten dat, volgens de WHO, zwaarlijvigheid 2 tot 6% van de gezondheidskosten in de ontwikkelde landen vertegenwoordigt.